| De biostratigrafie, de fysische stratigrafie, de stabiele isotopen signatuur, en de sequentiestratigrafie van het Priaboniaan-Rupeliaan, en meteen dus de Oeceen-Oligoceen overgangslagen worden gedocumenteerd via beschikbare gekernde boringen en relevante ontsluitingen in Noord-België. Dit gebied is relevant omwille van de aanwezigheid van de stratotype secties van het Rupeliaan en van de regionale en tijdverwante Tongeriaan etage. De multidisciplinaire aanpak voorziet in de kwantitatieve en kwalitatieve analyse van dinoflaggellatencysten, kalkschalige nannofossielen, planktonische foraminiferen, en andere kalkschalige microfossielen (ostracoden, pteroposen...) in de studie van de stabiele isotopen van zuurstof (eventueel koolstof), van de korrelgroottetrends en van de kleimineralen in de Priaboniaan-Rupeliaan lagen. |